Route des Grandes Alpes

De Route des Grandes Alpes is een 684 kilometer lange route door de Franse Alpen. Deze bergtrip brengt je van het meer van Genève naar de Middellandse Zee en bevat enkele van de hoogste en mooiste bergpassen in Europa.

Route des Grandes Alpes

Geschiedenis

De bouw van de route begon in 1909 in opdracht van de Franse Touring Club. In die periode waren de Alpen nog steeds een geïsoleerd gebied van Frankrijk met zeer slechte verbindingen. De bouw van de route was niet alleen een bevrijding uit de isolatie voor de bergbewoners, maar ook een kans voor het opkomende toerisme om dit gebied met zijn grote culturele en natuurlijke erfgoed te ontdekken. De bouw werd voltooid in 1937 met de opening van de Col de l'Iseran. Het officiële wegnummer van de route is D902.

Met de opening van de Franse snelwegen, heeft de route het meeste van haar belang als verkeersverbinding van noord naar zuid verloren. Hierdoor is de Route des Grandes Alpes een geweldige road trip route geworden. Om de zaken nog aantrekkelijker te maken, werden in 1995 enkele aanpassingen gedaan om de drukke vallei van Chamonix te vervangen door de Col de la Colombière en de Col de Aravis. De route eindigt ook niet meer in Nice, maar in het kleine en authentieke dorpje Menton.

Route des Grandes Alpes

Afstanden en reistijden

Etappe km Fiets Motor Auto
van Thonon-les-Bains naar Le Grand-Bornand 93 1 dag 3 uur 4 uur
Van Le Grand-Bornand naar Bourg-Saint-Maurice 98 1 dag 2 uur 30 3 uur en 30
van Bourg-Saint-Maurice naar Lanslebourg 80 1 dag 2 uur 30 3 uur
van Lanslebourg naar Briançon 110 1 dag 2 uur 30 3 uur en 30
Van Briançon naar Barcelonnette 104 1 dag 3 uur en 30 4 uur
Van Barcelonnette naar Valberg 77 1 dag 3 uur en 30 3 uur en 30
Van Valberg naar Saint-Martin-Vesubie 57 1 dag 2 uur 30 3 uur
van Saint-Martin-de-Vesubie naar Menton 79 1 dag 2 uur 30 3 uur

van Thonon-les-Bains naar Grand Bornand (93 km)

We beginnen onze reis in Thonon-les-Bains, een klein stadje aan de oever van het meer van Genève. Het meer van Genève is het grootste meer in West-Europa, en met zijn lengte van 95 kilometer overtreft het veruit alle andere bergmeren. Het meer heeft een diepte van 310 meter, waardoor de bodem van het meer slechts 62 meter hoger dan de zeespiegel gelegen is. Als we naar het zuiden kijken, kunnen we al de besneeuwde toppen van de Mont Blanc zien, de hoogste berg van de Alpen. We nemen route D902 en rijden richting Morzine.

De 2-vaks baan is bochtig en volgt de Vallée Verte (Frans voor groene vallei). Rotsformaties, groene struiken en bomen zorgen voor wat schaduw tegen de hete zon. Na 15 km bereiken we de Gorges du Pont-du-Diable. Deze zeer diepe canyon is uitgesneden door de rivier de Drasne en biedt een spectaculair uitzicht.

Gorges du Pont-du-Diable
Gorges du Pont-du-Diable

We vervolgen onze weg op de D902. Ongeveer 10 km na ons canyon avontuur bereiken we de ruïnes van de abdij van Aulps. Dit was een belangrijk cisterciënzerklooster in deze regio voor bijna zevenhonderd jaar, vanaf de stichting in 1090 tot haar onderdrukking in 1793. De kerk werd gedeeltelijk vernield in 1823 door de lokale bevolking die op zoek waren naar stenen, maar de prachtige gevel is blijven staan. Naast de majestueuze ruïnes van de abdij, geklasseerd als historisch monument in 1902, bevat het drie hectare grote landgoed ook een aantal boerderijen, kelders, een poortgebouw en een kruidentuin.

Aulps
Abdij van Aulps

Uiteindelijk komen we aan in Morzine, het meest noordelijk gelegen Franse skistation. Dit charmante stadje wordt gedomineerd door chalets verspreid over een vallei. Net voor het centrum van Morzine maakt de D902 een bocht naar het westen. We blijven de vallei volgen tot Cluses. Daar verlaten we de D902 voorlopig en beginnen de D4 te volgen naar Le Grand Bornand.

Net na het verlaten van Cluses, begint de weg te klimmen. Dit is de voet van de Col de la Colombière. Met zijn 1613m is de Colombière de eerste bergpas hoger dan 1500m op onze weg. Naarmate we verder stijgen, beginnen de bomen plaats te maken voor rotsformaties en alpenweiden. De klim is 16,3 km lang. Over deze afstand, klimmen we 1108m op een gemiddeld percentage van 6,8%. Het steilste gedeelte in de buurt van de top is 10,2%.

Col de la Colombière
Col de la Colombière

Na de top volgt er een 12 km lange afdaling naar Le Grand Bornand, een skistation dat zijn naam dankt aan de rivier die er doorheen stroomt.

Toon grotere kaart

Van Le Grand-Bornand naar Bourg-Saint-Maurice (98km)

Net na het verlaten van Le Grand-Bornand passeren we Saint-Jean-de-Sixt, een authentiek bergdorp met veel kleine boerderijen. Daar verlaten we de D4 en nemen we de D909 naar het zuiden. Na het passeren van een aantal andere kleine stadjes, begint de weg weer te klimmen. We zitten nu op de Col des Aravis (1486m). Op het hoogste punt van de bergpas is er een kleine kapel gewijd aan Sint-Anne voor de bescherming van de reizigers langs de route.

Col des Aravis
Col des Aravis

Tijdens de afdaling van de col rijden we langs de prachtige Dard waterval. Door de jaren heen heeft het water een V-vormige wig uit de rotsen gesneden. Dit geeft de waterval zijn speciale vorm.

Dard Waterfall
De Dard Waterval (Foto: Sylvain Vettese )

Na deze kleine stop komen we aan in Flumet, waar de D909 eindigt. Flumet is een klein dorpje van ongeveer 900 inwoners en ligt op een hoogte van 900 meter op een rots met uitzicht op de samenvloeiing van twee bergstromen: de Arly (die ontspringt in het Megève dal en uitmondt in de Isère) en de Arrondine (die komt van het Massif des Aravis, de bergketen die we nu al even volgen).

road D909
De D909 in de buurt Flumet

In Flumet aangekomen, nemen we de D1212 en volgen de Arly stroomafwaarts (richting Ugine). Vlak voordat we Ugine bereiken, op het punt waar de rivier en de D1212 opsplitsten,slaan we linksaf en beginnen uit de vallei te klimmen. In het dorpje Queige nemen we dan de D925 naar Bourg-Saint-Maurice. Vlak na het stadje Beaufort beginnen we de beklimming van de Cormet de Roselend (1968m). Het is een 20,3 km lange klim naar de top met veel van schakelen en haarspeldbochten, maar het uitzicht is geweldig. Aan de rechterkant zien we het Roselend stuwmeer. De stuwdam die 800 m lang en 150 meter hoog is, kan tot 185 miljoen kubieke meter water bevatten.

Roselend Reservoir
Het Roselend stuwmeer

Na de top is het een 20-tal km afdalen naar Bourg-Saint-Maurice. Het wegnummer verandert ook weer naar D902, wat betekent dat we weer op de originele Route des Grandes Alpes aan het rijden zijn. Neem de tijd en geniet van de spectaculaire bochten en landschappen.

Cormet de Roselend
Cormet de Roselend

Toon grotere kaart

van Bourg-Saint-Maurice naar Lanslebourg (80km)

Na het verlaten van Bourg-Saint-Maurice vervolgen we onze weg op de D902. Deze loopt nu langs het nationaal park Vanoise. Het was het eerste Franse nationale park bij zjn oprichting in 1963. Het park wordt begrensd door de grootste concentratie aan skigebieden ter wereld. Vroeger waren er plannen om al deze gebieden en skistations aan elkaar te linken met skiliften en zo veruit het grootste skigebied ter wereld te creëren, met meer dan 1000 km aan skipistes. Met de oprichting van het nationaal park is hieraan een eind gekomen.

Vanoise Nationale Park
Nationaal Park Vanoise

Onderweg zien we ook Lac Chervril (het stuwmeer van Tignes). Na de tweede wereldoorlog had Frankrijk elektriciteit nodig en er werd besloten om een hydro-elektrische dam te bouwen in deze vallei. Hoewel deze dam een groot succes voor de Franse ingenieurs was en deze voor het grotere goed van Frankrijk werd gebouwd, betekende dit dat het oude dorp van Tignes in het meer kwam te liggen. In 1952 werd de dam voltooid en verdween het dorp onder water. Om de 10 jaar wordt het meer geledigd voor onderhoudswerkzaamheden en zijn de overblijfselen van het oude dorp zichtbaar.

Lac Chervril
Lac Chervril

Tijdens dit deel van onze reis zullen we alleen de Col de l'Iseran beklimmen en terug afdalen. Met zijn 2770m is het de hoogste verharde bergpas in de Alpen. Hij verbindt de valleien van de Isère en de Arc tussen Val-d'Isère in het noorden en Bonneval-sur-Arc in het zuiden. Tijdens de klim passeer je een aantal galerijen en tunnels, met een maximum stijgingspercentage van 12%. In totaal is de klim is 48 km lang met een gemiddelde helling van 4%.

Col de l'Iseran
Wegwijzers op de top van de Col de l'Iseran

15 kilometer na de top van de col bereiken we Bonneval-sur-Arc. Het is gekend als het mooiste dorp van de hele regio. De authenticiteit die hier is blijven hangen geeft een prachtig voorbeeld van hoe het leven vroeger was in de Alpen. Traditionele architectuur, nauwe steegjes en de inrichting het dorpje zijn zeldzame getuigen van de traditionele Alpijnse levensstijl.

Bonneval-sur-Arc is ook de hoogst gelegen gemeente in Frankrijk, gezien volgens de gemiddelde hoogte die 2713m bedraagt. Het dorp zelf ligt op een hoogte van 1850 m.

Bonneval-sur-Arc
Bonneval-sur-Arc

We vervolgen onze weg en volgen de Arc verder de vallei uit. Zo komen we 20 kilometer later aan in Lanslebourg, het eindpunt van dit deel van de reis.

Toon grotere kaart

van Lanslebourg naar Briançon (110 km)

Omdat het nummer van de D902 verandert in Lanslebourg, rijden we nu op de D1006 en blijven we de Arc volgen verder de vallei uit. Na ongeveer 20km zien we de Esseillon Barrière. Dit is een serie van vijf vestingwerken gebouwd op de rotsen die boven de vallei uittorenen. Ze werden vroeger gebruikt om de regio Piëmonte te beschermen tegen een mogelijke Franse invasie. Het complex bestaat uit vijf bolwerken die de namen van de leden van de familie van Savoye dragen.

Esseillon Barrier
De Esseillon Barrière

Gebouwd tussen 1819 en 1834 moesten de forten van Esseillon de toegang tot de Col du Mont Cenis beschermen, die een belangrijke verbinding vormde met het Sardijnse koninkrijk (nu Italië). Omdat er in 1857 een Frans-Sardijns vredesverdrag werd getekend, hebben de forten nooit strijd geleverd, en werden ze alleen gebruikt tijdens de Tweede Wereldoorlog als gevangenissen.

Deze vestingwerken werden gebouwd naar het model van Montalembert. Dit model is gebaseerd op een principe van verschillende forten en kanontorens die elkaar met kruisvuur kunnen beschermen. Vier versterkingen zijn gelegen op de rechteroever van de Arc, de vijfde ligt aan de andere kant van de rivier. Een kleine brug genaamd de duivelsbrug vormt een verbinding tussen de steile kliffen waarop de forten zijn gebouwd.

duivelsbrug
De duivelsbrug

Als we verder het dal uitrijden komen we uiteindelijk in Saint-Michel de Maurienne, waar we de D1006 verlaten en de Arc oversteken om weer op de D902 te belanden. Onmiddellijk na het oversteken van de rivier begint de weg weer te klimmen: we zijn nu op de Col du Télégraphe, de noordelijke aanlooproute van de Col du Galibier.

Op de Col du Télégraphe zien we nog een verdedigingsbolwerk: het Fort du Télégraphe, ook wel Fort Berwick genoemd. Gelegen op een hoogte van 1.585 m was hier vroeger een telegraaf ondergebracht om berichten tussen Frankrijk en Italië te kunnen sturen. Dit verklaart ook de naam van de col. Het fort heeft twee toegangspoorten met ophaalbruggen. In het fort zijn alle niveauverschillen overbrugbaar met hellende vlakken om het verplaatsen van artilleriestukken mogelijk te maken. Het Fort du Télégraphe zag actie in 1940 toen het vuurde op de binnenvallende Italiaanse troepen met zijn 155mm kanonnen. Tijdens de zomermaanden kan het fort worden bezocht.

Fort du Télégraphe
Fort du Télégraphe

De Cols du Télégraphe en de Galibier verkregen hun mythische status onder wielertoeristen door hun regelmatige beklimmingen in de Tour de France. De Télégraphe is 11,8 km lang en stijgt 856m tegen een gemiddelde van 7,3%. Na de top is er een kleine afdaling van 4,8 km naar Valloire. Daar begint de eigenlijke klim naar de top van de Col du Galibier. Die is 18,1 km lang met een gemiddelde van 6,9% (hoogteverschil: 1245m). De maximale helling is 10,1% aan de top (2645m).

Aan de zuidelijk uitgang van de tunnel in de buurt van de top van de Galibier, is er een monument voor Henri Desgrange, de eerste directeur van de Tour de France. Iedere keer dat de tour de Galibier beklimt, wordt daar een bloemenkrans neergelegd.

Col du Galibier
Col du Galibier

Als je dacht dat je alle cols even gezien had, heb je het mis. Na de 8,5km lange afdaling van de Galibier komen we aan de voet van de Col du Lauteret (2058m). Deze col is uitgesneden door een gletsjer, waardoor hier geen steile hellingspercentages te vinden zijn. Om deze reden werd de Col lang gebruikt als verbindingsroute tussen Grenoble en Briançon, en ook voor het bereiken van Italië doorheen de Alpen. De top van de Lauteret is ook een kruispunt tussen de D902 en de D1091. Wij nemen hier de D1091 naar Briançon.

Toon grotere kaart

Omdat de Route des Grandes Alpes vrij lang is, met veel bezienswaardigheden onderweg, hebben we dit artikel in tweeën verdeeld. De laatste vier ritten brengen ons van Briançon naar Menton.

tags: 
road trip, europa, frankrijk

Comments

Vanmiddag kwam ik jullie site tegen en na een paar verschillende routes te hebben bekeken wordt je zeker reislustig.
Zo heb ik met veel belangstelling de route des grande alpes bekeken en gelezen.
Schitterende route die ik graag zou willen rijden met mijn camper
Is deze route geschikt om met de camper te rijden??

Dat hangt ook een beetje van de camper af natuurlijk. Op sommige cols zijn er veel haarspeldbochten en steile stukken tot 17%. Het is wel zeker mogelijk. Onderweg zijn we redelijk wat campers tegengekomen, en ook tijdens de tour de france zie je de cols vol met campers staan, dus normaal mag dit geen problemen opleveren.

Uitstekend te doen met camper. Wel aantal passen max. 3,5 ton en max. 2,40 breed, maar daar zijn dan wel weer alternatieve routes. Wij reden de route van Thonon naar menton in 14 dagen met een lang weekend rust aan het stuwmeer bij Embrun.

In hoeveel dagen is deze route te rijden? en zijn er campeergelegenheden onderweg?

We raden aan om toch een vijftal dagen uit te trekken om deze route te doen zodat je ook nog iets kan doen buiten de wagen. Kampeergelegenheden zijn zeker geen probleem en goed aangeduid onderweg.

Zijn er voldoende hotels langs de route ?
Bestaat hier wellicht een lijst van ?

Supersite, en precies de route die ik volgend jaar in juni met de motor ga maken.
Heb je misschien ook routebestanden voor de Garmin?

Bedankt alvast!

Wij hebben deze route gereden in 2011 met de camper. Van Thonon tot Menton met enkele omwegen (bv. Sallanches, Col de Joux Planes enz.) Wij hebben een Dethleffs Globebus van 2,15 breed eb dan is het prima te doen. De 130 pk Fiat Multijet ' lacht' om de hellingen. Totale tijd voor deze route was 14 dagen, met het tussenliggende weekend aan het grote stuwmeer nabij Embrun. --> Schitterende route; kan ik iedereen aanbevelen (Wel een aantal passen max 3,5 ton en max 2,40 breed, maar daar zijn dan wel weer alternatieve routes te bedenken)

Is de route aangegeven met die mooie bruine borden, of heb je echt navigatie nodig?

Het grootse deel is wel aangegeven, maar andere stukken dan weer niet. Best toch een GPS meenemen.

we gaan deze route rijden eind mei met 2 motoren, zijn er voldoende betaalbare overnachtingsmogelijkheden, bed and breakfest, campings, logies?

In de zomer van 2014 reden mijn zoon en ik de hele route met de racefiets. Mijn echtgenote met de wagen achterop met de tent en de bevoorrading. Dank zij jullie goede beschrijving en enkele kleine aanpassingen in verband met campings hadden we een onvergetelijke reis.

De afgelopen dagen tijdens het rijden van de RDGA enkele malen dankbaar gebruik gemaakt van deze site, daarom enkele toevoegingen op het verhaal hierboven.
Er zijn voldoende tankstations langs de route. Voor de eigen geruststelling: het volgende tankstation bezoeken als de tank half leeg is.
De route is niet te rijden op alleen de borden. Koop een kaart van de regio, hier staan ook alle bezienswaardigheden en namen van de cols op.
De route is prima te rijden in 3 dagen. Als je ook dorpen en bezienswaardigheden wilt bezoeken, neem dan 4 dagen de tijd. In 2 dagen de RDGA rijden, is niet aan te raden, mede vanwege de drukte op sommige cols.
De route is prima te rijden met een camper, ook al zat het op sommige stukken wat smal zijn.
Het wegdek is over het algemeen in niet al te beste staat vergeleken met de situatie in NL. De verschillen over de verschillende cols zijn dan ook groot.
Bij veel regen zijn de wegen vaak vies (modder/grind/stenen) en is de kans op vallende stenen groter. Neem dan een dag rust en rijdt de volgende dag, als de wegen weer zijn schoongemaakt, verder.
Op de cols zelf zijn relatief weinig voorzieningen vergeleken met Zwitserland en Italië (Dolomieten), denk aan weinig parkeerplaatsen en een kleine of geen eet-/drink voorzieningen.
Desondanks een fantastische route waar je voornamelijk rijdt 'in' de bergen met zeer afwisselende landschappen.

we gaan in 2018 ongeveer dezelfde route rijden
Het beloofd veel goeds als ik de foto's bekijk en de comments leest